Oprichting van de Zaltbommelsche Tennis Vereeniging.
Op maandag 30 oktober 1933 kwamen 18 Bommelaars in Hotel Tivoli bijeen om een tennisclub op te richten. Toch was dat niet het eerste initiatief in Zaltbommel om te gaan tennissen. Op 1 april 1904 besloot de gemeenteraad om aan K. Mauritz een 360 m² groot terrein in de Kindertuin te verhuren voor het beoefenen van het lawn-tennisspel. Mauritz was hoofd van de Openbare School nr.1 in de Zandstraat. De huur ging op 19 april 1904 in, was voor een periode van een jaar, die elk jaar stilzwijgend verlengd zou worden. In 1905 en 1906 is dat ook gebeurd, daarna ontbreekt een contract. Wat de bedoeling van Mauritz was is onbekend; gegevens over deze eerste tennisbaan ontbreken. Jammer, want het zou toch heel aardig zijn te weten wat het hoofd van de als armenschool bekend staande School 1 met een elitesport als tennis heeft gedaan.

De tweede tennisbaan aan de Waluweweg (vanaf 1957 Heemstrabaan).
Bij de aanleg van het Thorbeckeplein in 1952 moest de tennisbaan verdwijnen. Aan de Waluweweg, die liep vanaf het huidige kantoor van Woningstichting Woonlinie naar Schouten Nelissen kreeg de tennisvereniging een nieuw terrein. Het pas enkele jaren oude tennishuisje, inclusief koude douche, werd verplaatst.

De derde banen aan de P.M. Winkstraat.
Op 1 maart 1972 besloot de ledenvergadering tot de aanleg van de nieuwe banen. Het nieuwe tennispark met drie gravelbanen was het jaar daarop klaar. De ondergrond werd gepacht van de gemeente, net als bij de allereerste baan op het Thorbeckeplein voor tien jaar, met de mogelijkheid voor de vereniging om deze termijn telkens weer met tien jaar te verlengen. Op 7 april kon de echtgenote van de Bommelse burgemeester Broekens het nieuwe complex officieel openen. Het gemeentebestuur bood bij die gelegenheid een scheepsbel voor boven de bar aan. De aanleg van de drie nieuwe banen was aanleiding om ook de instructie van de groundsman te vernieuwen: elke dag vegen, sproeien bij droog weer en eens per week de kantine schoonmaken. De daarvoor benodigde tijd moest zelf worden bijgehouden; het uurloon bedroeg drie en een halve gulden per uur

Al in 1975 werden twee extra banen aangelegd op de daarvoor al bij de aanleg gereserveerde grond. Toch bleek ook daarmee de wachtlijst niet op te lossen en dus wendde het bestuur van de ZTV zich in 1977 tot de gemeente met de vraag het tennispark te mogen uitbreiden. De gemeente reageerde negatief: richting Marten van Rossemsingel kon niet, omdat de gemeente inmiddels besloten had “gezien de woningnood in Zaltbommel” vooralsnog niet tot sloop van de huizen naast het tenniscomplex over te gaan. Ook de andere kant op kon niet omdat de gemeente de groenvoorziening niet wilde doorbreken. Wel was nog overwogen in de nieuwe wijk de Spellewaard tennisbanen aan te leggen, maar “onderzoek heeft uitgewezen dat deze mogelijkheid niet aanwezig is”. De gemeente wilde bij de toekomstige reconstructie van de sportterreinen ten zuiden van de Van Heemstraweg bekijken of daar een aantal tennisbanen zouden kunnen worden aangelegd. Grappig is, dat terwijl die discussie met de gemeente liep de ZTV in 1977 de stadspenning van Zaltbommel toegekend werd; een doekje voor het bloeden?

In de loop der jaren ging de gezelligheid naast het tennissen een steeds belangrijkere rol spelen. Daarom bleek het nodig om de kantine te vergroten. Dat gebeurde in 1978. Dertien jaar later werd het clubhuis compleet gerenoveerd en uitgebreid tot de omvang die het bij het 75-jarig bestaan nog steeds heeft. Sindsdien is er ook geen spraken meer van kantine, maar heeft men het in de stukken over het ’paviljoen’. Tegelijk werd het parkeerterrein uitgebreid en de ingang daarvan verplaatst richting Gisbert Schairtweg opdat de bewoners van de P.M. Winkstraat minder last van het in- en uitrijden zouden hebben. Vanaf het moment dat de ZTV verhuisd was naar de P.M. Winkstraat wilde een aantal leden dat er net als bij andere clubs een open toernooi zou komen. Zo’n toernooi was bij die andere verenigingen altijd een hoogtepunt van het tennisseizoen. In 1975 stelden drie leden aan het bestuur voor een open toernooi te organiseren. Het bestuur was absoluut tegen en kondigde aan te zullen aftreden als dit onzalige plan in een ledenvergadering zou worden aangenomen! In 1976 probeerden de drie het opnieuw, maar de ledenvergadering verwierp het voorstel met 29 tegen 20. Een jaar later bleek een meerderheid voor, het werd 26 tegen 12 met 9 pianostemmers. En zo kon in 1978 het eerste open Maarten van Rossem-toernooi worden georganiseerd. In de loop der jaren bleek dit toernooi een der aantrekkelijkste in de hele omgeving. Niet alleen dankzij deelnemers als Miriam Oeremans, Willem van Hanegem en Benny Wijnstekers, maar vooral door de gezellige sfeer en de mogelijkheid om tijdens de toernooidagen in het clubhuis van een meer dan uitstekende maaltijd te genieten. Eind jaren ‘70 werd binnen de vereniging uitgebreid gediscussieerd over het aanbrengen van verlichting op de banen. Tegenstanders zagen het nut er niet van in, omdat tennis een zomersport was en net enkele jaren eerder in Nederland de zomertijd was ingevoerd, waardoor het ’s avonds langer licht bleef. De voorstanders wisten toch een meerderheid van de leden(vergadering) achter zich te krijgen en in 1981 was het zover dat op drie banen verlichting werd aangebracht.

De ZTV bleef de mogelijkheden onderzoeken voor uitbreiding. Met een zekere regelmaat werd het gemeentebestuur bestookt met voorstellen. In 1987 leek de tijd rijp voor heroverweging van uitbreiding in de groenstrook van de Gisbert Schairtweg. Immers, de nieuwe hockeyvereniging had daar ook een plek gekregen. Bewoners van de Schairtweg verzetten zich echter tegen de plannen en kregen bij de Raad van State gelijk met hun bezwaren tegen de hockeyclub, die op 1 januari 1990 van de groenstrook verdwenen moest zijn. Waarmee ook de ZTV een uitbreiding van het bestaande complex kon vergeten. Wel werd nu bekeken of de ZTV een plek kon krijgen bij het nieuwe hockeycomplex aan de Hogeweg in de nieuw te ontwikkelen wijk de Waluwe. Ook dit plan bleek uiteindelijk onhaalbaar, omdat de gemeente geen eigenaar bleek te zijn van de voor de ZTV benodigde grond en de betreffende eigenaar niet van zins was zijn bezit te verkopen. Overigens zat ook de ZTV niet echt te wachten op verplaatsing naar de kale, winderige omgeving van de Hogeweg…

Een heel essentiële beslissing werd in 1992 genomen, toen de ledenvergadering met een krappe meerderheid besloot het gravel te vervangen door kunstgras. Dit betekende niet alleen dat men veel minder last had van de weersomstandigheden, want na een regenbui zijn de banen weer heel snel bespeelbaar. Het betekende ook dat er het hele jaar door getennist kan worden en niet alleen van maart/april tot oktober. Tegelijk met het kunstgras kwam er een zesde baan. Die zesde baan betekende ook meteen het einde van de uitbreidingsmogelijkheden. Hoewel het bestuur met een zekere regelmaat probeerde de gemeente te overtuigen van de noodzaak om extra banen aan te leggen in de groenstrook naast het tenniscomplex, bleek dat geen haalbare kaart. Hoewel de gemeente zei mee te willen denken over een oplossing en zich een paar keer zelfs bereid toonde een voorstel voor extra banen aan de gemeenteraad voor te leggen, kwam het er niet van omdat buurtbewoners tegen zulke plannen in opstand kwamen en de gemeenteraad de plannen vervolgens terugverwees naar Burgemeester en Wethouders. Brandbrieven van de ZTV werden niet of nauwelijks beantwoord; de gemeente onderkende de problemen maar wist geen oplossing. Toen verplaatsing naar de Hogeweg niet reëel bleek en uitbreiding op de huidige lokatie op te veel bezwaren stuitte, stelde de gemeente voor een nieuw complex aan te leggen nabij het natuurgebied de Kloosterwiel. Na aanvankelijke positieve reacties was ook dit voorstel ten dode opgeschreven toen bleek dat voor dit plan een sinds 1983 bestaand volkstuinencomplex zou moeten verdwijnen. Een volgend voorstel kwam op tafel toen de gemeente van de provincie Gelderland geen toestemming kreeg om aan de Tol, nabij de op- en afritten van de A2 een nieuw gemeentehuis te bouwen. Een mooie plek voor de ZTV volgens het toenmalige College van B&W. Niet echter volgens bestuur en leden van de ZTV, die problemen zagen met de verkeersafwikkeling ter plaatse, met name voor de juniorleden. Waarmee ook dit plan van tafel verdween… Na de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 werd er uiteindelijk een knoop doorgehakt: alle sportverenigingen naar één groot sportcomplex achter de watertoren aan de Middelsteeg. Omdat het ook nu echter allerminst zeker is dat deze plannen wel gerealiseerd kunnen en zullen worden besloot het bestuur van de ZTV toch begin 2008 het clubhuis en met name de keuken op te knappen; daarmee wachten op een mogelijke verhuizing was volgens het bestuur niet verantwoord. De nieuwe keukeninrichting kan overigens te zijner tijd mee naar een nieuwe lokatie, waar dat ook moge zijn. In 2008 werd tenslotte ook de zesde en laatste baan van verlichting voorzien.

Verhuizen naar de watertoren?
75 jaar Zaltbommelse Tennis Vereniging, drie verschillende complexen. Als alles doorgaat zal de ZTV over een paar jaar weer gaan verhuizen, net als in 1973 omdat uitbreidingsmogelijkheden op de huidige lokatie niet reëel zijn. Met de gemeente Zaltbommel en enkele andere sportverenigingen heeft de ZTV een intentieovereenkomst getekend waarbij alle sportverenigingen gehuisvest worden aan de voet van de watertoren. Genoemd wordt het jaar 2015. Hoe die huisvesting eruit komt te zien is nog onduidelijk. Of het ervan komt en of de ZTV haar honderdjarig bestaan op die lokatie zal kunnen vieren is niet te voorspellen. Om wel te voorspellen dat dat feest niet aan de P.M. Winkstraat gevierd zal worden, want dat de ZTV op die plek haar langste tijd gehad heeft, daarvoor hoef je geen waarzegger te zijn…